zaterdag 28 november 2009

Zin en onzin van het Offerfeest.

Het Offerfeest of slachtfeest is het tweede ‘Id-feest in de Islam. Het wordt gevierd ter nagedachtenis aan de profeet Ibrahim, die bereid was zijn zoon te offeren in opdracht van God. De meeste moslims nemen aan dat het gaat om zijn zoon Ismaïl. Op die dag worden door moslims dieren ritueel geslacht, doorgaans een schaap of een rund. Volgens cijfers van het Federaal Voedselagentschap, dat toeziet op de regels bij het ritueel slachten, zijn er tachtig tijdelijke slachtplaatsen ingericht: 63 in Vlaanderen, 13 in Wallonië en 4 in Brussel. Vlaams minister Geert Bourgeois vraagt de gemeenten uitdrukkelijk om geen gedoogbeleid te voeren voor thuisslachtingen tijdens het Offerfeest. Volgens Bourgeois zijn thuisslachtingen uit den boze. Het grootste probleem bij het Offerfeest is het onverdoofd slachten van dieren, vaak op amateuristische wijze, waardoor het dierenwelzijn op grove wijze geschonden wordt.

Michel Vandenbosch, voorzitter van Gaia en ADWA, de Adviesraad Dierenwelzijn Antwerpen ziet het slachten met lede ogen aan: “ Moslims houden zich vaak niet eens aan hun eigen halal voorschriften. Een schaap niet mag zien hoe een ander schaap wordt gekeeld, de schapen staan er nochtans met hun snuit naar elkaar. Neen, lachen en plezier maken terwijl ze dieren kelen waar hun kinderen bij staan. Het Offerfeest is gewoon een islamitische variant van onze Vlaamse kermis maar dan met dierenleed met een geloofssaus”. Een islamitisch slachter verdedigt zich: “Onverdoofd slachten of kelen is de meest humane vorm om een offerdier te doden. Dit in tegenstelling tot het doodschieten. Qua hygiëne is het onverdoofd slachten niet te evenaren. Het bloed stroomt tot de laatste druppel uit het lichaam van het geslachte dier waardoor het vlees niet besmet wordt. Islamitisch slachten is diervriendelijk. Nu nog de schapen overtuigen.

In Gent zijn het gemeenteraadslid Johan Deckmyn en fractievoorzitter Tanguy Veys (Vlaams Belang) die de kat (of het schaap?) de bel aanbonden met een onaangekondigd bezoek aan de Gentse slachtvloer in de Maïsstraat. De slachting moet uitgevoerd worden door een slachter die erkend is door Moslimexecutieve. Het slachten gebeurt daarbij volgens de islamitische voorschriften. De voorschriften eisen een grote behendigheid van de slachter, die alle vermijdbare opwinding of pijn van het dier moet vermijden. Het dier moet met zachtheid behandeld worden en mag het mes niet te zien krijgen. Deckmyn en Veys beweren dat meerdere eigenaars van schapen, en niet de erkende slachters, de rituele slachting uitvoeren. Dit is onwettig en zorgt er voor dat in bepaalde gevallen de slachting fout uitgevoerd werd, waardoor het dier een lange en bloederige doodstrijd leed. Hiertegen werd niet opgetreden door de nochtans aanwezige inspecteurs. Tanguy Veys: “Blijkbaar zijn wetgeving en dierenwelzijn niet belangrijk als die moeten nageleefd worden door moslims”. Detail: dit jaar konden beide heren hun bezoek afleggen omdat ze hun bezoek niet aangekondigd hebben, hetgeen ze vorig jaar wel deden. Toen weken de organisatoren geen voet van de Vlaams-Belangdelegatie en konden geen inbreuken vastgesteld worden…

Een ander probleem zijn de recente diefstallen van schapen, voorafgaand aan het Offerfeest. Dit toont aan dat de stelling van Michel Vandebosch (GAIA) hout snijdt: in onze westerse maatschappij is het massaal en collectief slachten van vele duizenden dieren een compleet nutteloze bezigheid. Jongere moslims voelen steeds minder voor deze wrede en bloedige bezigheid. Het slachten op zich vormt geen probleem, als het correct gebeurt, maar een aantal maatregelen dringen zich op. Het beperken van het aantal slachtvloeren, een strenger toezicht op het slachten, een controle op de gezondheid en de afkomst van de dieren en toezicht op misbruiken moeten het aantal amateuristische en niet reglementaire slachtingen verminderen.

Guido Van Peeterssen

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen